Het afscheid

De wolken zijn grijs gekleurd; het belooft een sombere dag te worden. Een perfecte dag om afscheid te nemen. Vanaf het moment dat hij zijn ogen opent weet hij dat het moment daar is. Wat heeft hij nog te verliezen? Zijn ogen turen door zijn zolderraam de grille verte in. Het was nog vroeg maar buiten loopt een enkeling de hond uit te laten. De kou van zijn adem laat condens achter op het raam waarachter zijn dunne witte lijf staat. Als een verdwaasde schilder zet hij een vinger tegen zijn glazen canvas  en schrijft hij sierlijk zijn gedachte op het glas: spring. Het idee alleen laat zijn maag al omdraaien maar het voelt tegelijkertijd bevrijdend. Hij kan niet meer terug. Het is zijn beslissing en niemand kan hem meer tegenhouden. Dit zou het einde zijn.

De kleding die hij gisteravond op zijn bureau had klaargelegd zal hij dragen als een ware held. Dat zal ze leren. Het moest een keer afgelopen zijn. Het wijzen, het gelach. De wereld van veroordeling en getreiter waarin hij inmiddels 13 jaar ronddwaalt. Zijn voetstappen laten de houten vloer kraken wanneer hij zich een weg baant naar de badkamer. Langzaam draait hij de doucheknop open en sluiten zijn ogen wanneer de warme stralen zijn gezicht begroeten. Fluisterend zingt hij zichzelf moed in. ‘’Everything’s gonna be alright’’. De handdoek slaat hij om zich heen als een warm deken. Hij kijkt op naar de klok In de gang. Het is al 08:15 geweest. Hij moet opschieten. Snel rent hij de kamer in en trekt hij zijn kleren aan. Sokken. Waar de fuck zijn zijn sokken? Hij kan zichzelf wel voor zijn hoofd slaan. Het moet een perfecte dag worden en hij vergeet zijn sokken. Misschien hebben ze gewoon gelijk, denkt hij in zichzelf. Met een ruk trekt hij zijn kast open en vindt een laatste bol sokken. Zijn moeder stopt zijn sokken altijd bij elkaar. Voor een moment dwalen ze gedachten af. Wat zal ze trots op hem zijn. Op zijn gezicht tovert zich een glimlach. Hij heeft dit tijdstip gekozen zodat hij de confrontatie met haar niet hoefde aan te gaan. Het zou hem teveel worden. Hier kan ze hem niet bij helpen, dit wil hij alleen doen. Dit moet alleen. Hij spurt de trap af en verdwijnt door de deur die hij met een slinger achter zich dichttrekt.

Het complex is nog gesloten maar daar heeft hij rekening mee gehouden. Vorige week tijdens zijn voorbereiding heeft hij een ingang kunnen vinden aan de achterzijde. Het tralies dat het hek bij elkaar houdt heeft hij precies in een hoek doorgeknipt. Je moet je klein maken om er doorheen te kruipen. Onvindbaar voor bewakers. Hij zet zijn fiets tegen de muur naast zich en door het tralies heen ziet hij de trap die hem zal leiden. Leiden naar het oneindige. Het zal hem bevrijden. Hij is zo dichtbij. Voorzichtig kruipt hij door de opening en tuurt hij een laatste keer naar boven. Het maakt hem duizelig. Hij sluit zijn ogen en belooft zichzelf dat hij de trap oploopt wanneer zijn ogen openen. Hier heeft hij het voor gedaan. Hier zal het eindigen. Vurig schieten zijn ogen open en stormt hij op de trap af. Zijn voeten schieten trede voor trede naar boven. ‘’Niet naar beneden kijken’’ spreekt hij zichzelf toe terwijl zijn tengere lichaam zich een weg naar boven baant. Hij is bijna boven wanneer hij stemmen hoort onder hem. Een schreeuw. Meerdere schreeuwen. Ze hebben hem door. Shit. Hebben ze het gat gevonden? Het maakt ook niet meer uit. Hij is er al bijna. Niemand kan hem meer tegenhouden. Zijn arm klemt hij aan de rand vast. Met het laatste beetje kracht trekt hij zijn lichaam tot over de rand en staat hij in 1 zucht rechtop. De wind is sterk vandaag.

Daar staat hij. Nog drie meter verwijderd van zijn lot. Hij hoort steeds meer geschreeuw maar het ebt weg. Alles ebt weg. Het is hij tegen de rest en vanaf vandaag zal de rest weten wie hij is. Geen schaamte en geen angst meer. Alles zal oplossen in het niets. Het niets dat voor hem ligt. Met een aanloop rent hij naar de rand, zijn voeten zetten zich tegelijk af. Zijn ogen gesloten. De tijd lijkt stil te staan. Hij ziet zijn leven aan hem voorbij schieten maar hij is blij dat hij er vanaf is. Verdomme wat heeft dit lang geduurd.

Zijn ogen openen pas wanneer hij boven water komt drijven; hij heeft het gedaan. Niemand zal hem meer uitlachen of treiteren. Zijn ogen kijken nog een laatste keer naar boven en vol trots denkt hij: eigenlijk valt het allemaal best mee, zo’n duikplank.

Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *